Een auditclausule die alleen toegang tot algemene documentatie belooft, garandeert niet dat u een concrete AI-uitkomst kunt verifiëren. Leg daarom per contract vast welk inspectiebewijs de leverancier levert, binnen welke termijn, met welke inspectiebevoegdheden en welke remedies gelden bij weigering of onvolledigheid.
De Europese Commissie heeft aangekondigd dat zij vanaf juli 2026 via een Expert Group on AI Contracting werkt aan horizontale modelcontractvoorwaarden voor AI-contracten. Doel is om praktische risico's in AI-contracten te verminderen. Dat maakt de contractuele inrichting van audit- en verificatierechten nu een concreet ontwerpvraagstuk, en niet langer een theoretische wens.
Wat verandert er nu de Europese Commissie modelcontractvoorwaarden voor AI-contracten voorbereidt?
De Commissie positioneert AI-contracten als een afzonderlijk onderwerp van standaardisering. De aangekondigde modelvoorwaarden en gebruikersgerichte guidance zijn bedoeld om afnemers houvast te geven bij afspraken over toegang, informatie en bijstand. Dat is een beleidsmatige aanleiding, geen kant-en-klaar auditbeding: de Commissie levert bouwstenen, geen universele clausule die elke afnemer blind kan overnemen.
Tegelijk legt de AI-verordening al een basis. Volgens artikel 25 van de AI-verordening moeten de aanbieder van een hoog-risico-AI-systeem en de derde partij die daarvoor een model, hulpmiddel, dienst, component of proces levert, bij schriftelijke overeenkomst de noodzakelijke informatie, capaciteiten, technische toegang en bijstand specificeren, voor zover dat nodig is om aan de verordening te voldoen. De toelichting bij artikel 25 over verantwoordelijkheden in de AI-waardeketen onderstreept dat dit een verplichting is tot specificeren van toegang, niet een onbeperkt zelfstandig recht om alles te inspecteren.
Waarom volstaat een algemeen recht op informatie niet voor een afdwingbaar auditrecht?
Omdat een algemene complianceverklaring niet bewijst dat u een specifieke AI-gebeurtenis achteraf kunt reconstrueren. Een peer-reviewed studie in Frontiers in Artificial Intelligence over het contractuele vacuüm bij AI-inkoop beschrijft hoe AI-as-a-Service een afnemer kan beroven van de telemetrie die nodig is om geautomatiseerde handelingen te verklaren en te corrigeren.
De studie bespreekt daarom transitive auditrechten: wanneer meerdere leveranciers aan één output bijdragen, moet het auditrecht meelopen tot bij de onderliggende leverancier die de gewraakte stap uitvoerde. Naar onze inschatting is dit het grootste blinde vlek in bestaande contracten: afnemers regelen vaak een auditrecht met hun directe leverancier, maar niet met diens subprocessors, terwijl juist daar het bewijs ligt. De Commissie wijst er in haar toelichting op de AI Act op dat hoog-risico-systemen traceerbaar en auditeerbaar moeten zijn en dat passende documentatie moet worden bewaard. Naar onze analyse laat een contract dat dit niet afdwingt die traceerbaarheid afhangen van de goede wil van de leverancier.
Welk concreet inspectiebewijs moet een AI-leverancier kunnen leveren?
Een afdwingbaar beding benoemt niet alleen een "auditrecht", maar de records en toegang die de leverancier daadwerkelijk moet produceren. Een praktijkgids van de Global AI Certification Council over een ISO 42001-auditchecklist maakt concreet welk bewijs een auditor koppelt aan criteria, steekproef en periode, en welke leveranciersartefacten relevant zijn. Werk uw clausule daarom uit langs vijf elementen:
- Object en scope: het model, de applicatie, retrieval, tools, datasets, subprocessors en relevante locaties die onder de audit vallen.
- Inspectiebewijs: risicobeoordelingen, validatie- en bias-tests, model- en datasetversies, configuratie- en wijzigingslogs, incidentrecords, toegangs- en toolgebruikrecords, menselijke interventies en de besluittoestand.
- Procedure: audittrigger, kennisgeving, termijnen, een onafhankelijke auditor, interviews met personeel, remote en on-site inspectie, heraudit na een substantiële wijziging en toegang bij incidenten of betwiste uitkomsten.
- Afdwingbaarheid: hersteltermijn, opschorting, step-in, kostenverhaal, contractuele sancties en beëindiging bij weigering of niet-reconstrueerbaarheid.
- Vertrouwelijkheid: gecontroleerde toegang, geheimhouding, secure rooms en beperkte openbaarmaking in plaats van een algemene uitzondering voor bedrijfsgeheimen die verificatie volledig uitsluit.
Toets daarbij ook de volledigheid van het bewijs, via steekproef, periode, versiehistorie en herleidbare records, en leg vast hoe ontbrekend bewijs wordt genoteerd. Dat onderscheid tussen een contractueel recht om te inspecteren en de concrete records die beschikbaar moeten zijn, bepaalt of u een technische AI-uitleg kunt omzetten in bruikbaar beslisbewijs.
Wat betekent dit voor bestuurders, juristen en CISO's die AI-contracten sluiten?
Onze analyse: omdat een algemeen informatieverzoek niet garandeert dat een specifieke uitkomst reconstrueerbaar is, loopt de afnemer het risico een AI-beslissing achteraf niet overtuigend te kunnen uitleggen of controleren; daarom moet de jurist nu per nieuw contract een inspectiebewijslijst opnemen in plaats van een open auditzin. Omdat artikel 25 van de AI Act voor de hier bedoelde waardeketen schriftelijke specificatie van informatie, technische toegang en bijstand vereist, maar op zichzelf geen onbeperkt auditrecht creëert, blijft het naar onze inschatting aan partijen om de concrete bevoegdheden zelf vast te leggen; daarom moet de CISO vóór ondertekening bepalen welke logs, modelversies en toolgebruikrecords met welke bewaartermijn opvraagbaar zijn. Omdat bij AI-as-a-Service meerdere leveranciers aan één output bijdragen, verdampt naar onze analyse het bewijs zodra het auditrecht stopt bij de directe leverancier; daarom moet de contractmanager een transitief auditrecht naar subprocessors bedingen en de AI-componenten in de leveranciersketen onderzoeken. Omdat leveranciers verificatie kunnen afwenden met een beroep op bedrijfsgeheimen, is een auditrecht zonder remedie naar onze inschatting papier; daarom moet de bestuurder opschorting, step-in en beëindiging bij niet-reconstrueerbaarheid als harde sancties laten opnemen.
Deze ontwikkelingen leveren samen nog geen één universeel auditbeding op. Modelvoorwaarden, de AI Act en het academische framework moeten worden afgestemd op het risico, de sector, de toepasselijke wetgeving en de feitelijke systeemarchitectuur. Wie wil doorgronden hoe deze eisen passen in een breder verantwoordingskader, vindt meer context in ons themahub over AI-governance en verantwoordingskaders en in de analyse van wanneer audit trail-software controle suggereert zonder die te bewijzen.
Bronnen en referenties
Bronnen: Het artikel steunt op de Europese Commissie (modelcontractvoorwaarden en AI Act-toelichting), de AI Act Service Desk over artikel 25, een studie in Frontiers in Artificial Intelligence en een auditchecklist van de Global AI Certification Council.