Een vaste termijn van negentig dagen is geen officiële norm voor AI-incidentonderzoek. CISA, NIST en OMB koppelen bewaartermijnen aan onderzoeksdoel, risico en regelgeving, waarbij federale regels al minstens zes maanden actief doorzoekbare en één jaar opvraagbare logs vereisen; bepaal daarom per logsoort welke incidentvragen die moet kunnen beantwoorden.
De Amerikaanse Cybersecurity and Infrastructure Security Agency (CISA) publiceerde op 20 augustus 2026 haar Logging Reference Architecture. Dat document vertaalt logging voor detectie, threat hunting, incidentrespons en digitale forensiek naar drie verschillende opslagfuncties. Nergens staat een universele bewaartermijn van negentig dagen. Die termijn kan in organisaties of producten als interne operationele instelling voorkomen, maar de aangeleverde officiële kaders maken er geen universele norm van.
Dat verschil is belangrijk voor iedereen die AI-systemen beheert. Wie negentig dagen aanhoudt omdat dat de standaardinstelling is, denkt een norm te volgen die niet bestaat. Naar onze inschatting leidt dat tot een valse zekerheid: bij een incident dat pas na enkele maanden aan het licht komt, zijn de relevante logs dan al overschreven.
Wat zegt de CISA Logging Reference Architecture over bewaartermijnen voor logs?
CISA onderscheidt drie opslagfuncties en koppelt retentie aan het doel, niet aan één getal. Het document verwijst naar de federale baseline uit OMB-memo M-26-14: logs moeten minimaal zes maanden actief doorzoekbaar en één jaar opvraagbaar blijven. Voor AI-systemen noemt CISA bovendien prompts, outputs, modelversies, agentbeslissingen, toolcalls en runtimegegevens als vast te leggen context.
De drie functies die CISA onderscheidt:
- Actief doorzoekbare opslag voor snelle detectie en triage, waarin logs direct bevraagbaar zijn.
- Opvraagbare retentie voor latere reconstructie, waarin gegevens langer bewaard blijven maar niet continu live staan.
- Afzonderlijk beschermde evidentiële datasets voor onderzoek of juridische beoordeling, met strengere integriteits- en toegangseisen.
De OMB-memo M-26-14 van het Executive Office of the President legt de beleidsbasis onder deze architectuur en vereist betrouwbare tijdstempels, voldoende logcontext en beschikbaarheid voor onderzoek. Ook die memo bevat geen negentigdagennorm.
Welke logs heb ik nodig om een AI-incident met agents te reconstrueren?
U heeft meer nodig dan alleen de melding dat er iets misging. Om onverwacht agentgedrag te kunnen reconstrueren moet u het volledige traject kunnen navolgen én kunnen aantonen dat die gegevens niet zijn aangepast. NIST CAISSI, NSA SISC en CISA leggen in hun praktijken voor incidentparaatheid vast dat logs manipulatiebestendig moeten zijn en betrouwbare tijdstempels moeten dragen.
Leg volgens die kaders minimaal vast:
- model- en systeemidentiteit en de exacte versie die actief was;
- prompts, outputs en de relevante omgevingsstatus;
- toolcalls, agentacties en redeneersporen;
- toegangsbesluiten en beveiligingsbeslissingen;
- security-monitoring, tijdstempels en configuratiewijzigingen;
- menselijke interventies tijdens het incident;
- welke gegevens zijn geminimaliseerd of afgeschermd, zodat later duidelijk is wat ontbreekt en waarom.
De NIST-NSA-CISA-praktijken benadrukken dat een organisatie na een control-incident eerst bewijs verzamelt, behoudt en analyseert, en de werking pas hervat na geverifieerd herstel. De bewaartermijn is daarmee een functie van reconstructie en containment, niet van een los getal. Een draaiboek voor control-incidenten bij AI-agents werkt die volgorde verder uit.
Waarom is negentig dagen te kort als algemene retentietermijn?
Omdat de officiële kaders langer eisen en omdat de termijn waarin AI-incidenten aan het licht komen zich niet aan negentig dagen houdt. De federale baseline in M-26-14 vraagt zes maanden actief doorzoekbaar en één jaar opvraagbaar. Volgens het aangeleverde onderzoek geldt voor hoog-risico-AI onder de EU AI Act minimaal zes maanden voor automatisch gegenereerde logs onder controle van de aanbieder of gebruiksverantwoordelijke; controleer voor publicatie de precieze toepasselijke bepaling en eventuele langere wettelijke termijnen.
Drie verschillende dingen worden in de praktijk door elkaar gehaald:
- een interne retentie-instelling van negentig dagen, vaak de standaard van een loggingplatform;
- een wettelijke minimumtermijn, zoals de zes maanden onder de EU AI Act of de federale baseline;
- een risicogestuurde forensische bewaarbehoefte, die bepaalt hoe lang u een specifiek incident moet kunnen reconstrueren.
Naar onze inschatting is het grootste risico niet dat organisaties te weinig loggen, maar dat ze de verkeerde logs te kort bewaren: de triage-logs blijven live, terwijl de agent- en toolcall-sporen die een onderzoek dragen al zijn weggerouleerd.
Wat betekent dit voor bestuurders, juristen en CISO's die nu retentiebeleid vaststellen?
Onze analyse: omdat CISA logging uitsplitst in doorzoekbare, opvraagbare en evidentiële opslag, voldoet een enkele retentieknop van negentig dagen niet meer; daarom moet de CISO vóór implementatie per logsoort vastleggen welke incidentvraag die moet kunnen beantwoorden en hoe lang. Omdat de EU AI Act en M-26-14 voor hoog-risico-AI en overheidscontexten al minima van zes maanden kennen, loopt een organisatie die onder die drempel bewaart een nalevingsrisico; daarom moet de jurist het retentiebeleid toetsen aan de toepasselijke minima voordat het wordt vastgesteld. Omdat AI-incidenten soms pas na maanden opvallen, raakt een organisatie bewijs kwijt als normale verwijdering gewoon doorloopt; daarom moet de verantwoordelijke een incident-hold inrichten die verwijdering opschort zodra een onderzoek start. Omdat de NIST-NSA-CISA-praktijken manipulatiebestendige logs met betrouwbare tijdstempels eisen, is een exportbestand zonder integriteitscontrole onvoldoende als bewijs; daarom moet het bestuur laten testen of integriteit, toegang, privacy en herstel in de praktijk werken, en niet alleen op papier bestaan.
Samengevat als besluit:
- bepaal vóór implementatie welke incidentvragen beantwoord moeten worden en welke records daarvoor nodig zijn;
- stel per logsoort vast wat actief doorzoekbaar moet blijven en wat alleen opvraagbaar;
- toets de termijnen aan de wettelijke minima die op uw AI-toepassing van toepassing zijn;
- leg een incident-hold vast die normale verwijdering opschort;
- test periodiek integriteit, toegang, privacy en herstelbaarheid van de bewaarde logs.
Wie deze stappen koppelt aan het onderscheid tussen een technische gebeurtenis én gekoppeld beslisrecord vastleggen en aan het beheersen van toolcalls en autorisatie van AI-agents beheersen, bouwt retentie die een onderzoek daadwerkelijk draagt. Meer achtergrond staat in de themahub over AI-security en beheersing van AI-systemen.
Bronnen en referenties
Bronnen: Het artikel steunt op de CISA Logging Reference Architecture, de gezamenlijke NIST-NSA-CISA-praktijken voor incidentparaatheid en OMB-memo M-26-14.